Máxima blijft hoogst gewaardeerde Oranje in nieuw onderzoek
14 mei 2026
Koningin Máxima blijft de hoogste waardering krijgen van de drie onderzochte leden van het Koninklijk Huis. Dat blijkt uit het jaarlijkse opinieonderzoek dat Ipsos I&O uitvoert in opdracht van de NOS.
In dat onderzoek wordt de Nederlandse bevolking gevraagd naar haar mening over koning Willem-Alexander, het Koninklijk Huis en de monarchie. De waardering voor de koning, koningin Máxima en prinses Amalia is stabiel gebleven ten opzichte van 2025.
Máxima krijgt opnieuw het hoogste cijfer
Máxima krijgt, net als vorig jaar, een 7,5 als rapportcijfer. Daarmee blijft zij boven Amalia, die opnieuw een 7,3 krijgt, en de koning, die net als in 2025 uitkomt op een 6,9. Opnieuw is de koningin daarmee het best beoordeelde lid van de drie. Vrouwen zijn over het algemeen positiever over de drie leden van het Koninklijk Huis dan mannen. Zij beoordelen de koning met een 7,0 en geven Máxima en Amalia allebei een 7,6. Mannen komen uit op respectievelijk een 6,8, 7,3 en 7,1.
Sinds 2013 vervult Máxima haar rol als koningin naast het staatshoofd. Zeven op de tien Nederlanders, 68 procent, zijn tevreden over de manier waarop zij dat doet. Ook hier zijn vrouwen positiever dan mannen: 72 procent van de vrouwen is tevreden over de koningin, tegenover 65 procent van de mannen.
Lees ook: Waardering voor Willem-Alexander, Máxima en Amalia stabiel
Meer vertrouwen in Máxima dan in de koning
Ook op het gebied van vertrouwen doet Máxima het beter dan de koning. Net als in voorgaande jaren hebben Nederlanders meer vertrouwen in de koningin dan in Willem-Alexander. Van de ondervraagden zegt 59 procent vertrouwen in haar te hebben, tegenover 54 procent bij de koning. Mannen geven iets vaker aan zeer tot tamelijk weinig vertrouwen in Máxima te hebben. Dat geldt voor 15 procent van de mannen, tegenover 9 procent van de vrouwen. Bij het vertrouwen in de koning is er geen verschil tussen mannen en vrouwen.
Jongeren blijven kritischer over het functioneren van het koningspaar. Van de 18- tot 34-jarigen is 59 procent tevreden over Máxima als koningin. Onder 35- tot 54-jarigen is dat 71 procent en bij 55-plussers 73 procent. Dat beeld is vergelijkbaar met vorig jaar.
Minder zicht op haar nevenactiviteiten
Naast haar werk als koningin verricht Máxima ook andere werkzaamheden. Toch weet slechts één op de tien Nederlanders goed wat zij naast haar rol als koningin doet. Dat is een daling ten opzichte van 2025, toen 14 procent daar goed bekend mee was. Nu ligt dat aandeel op 10 procent. Vooral jongere Nederlanders weten vaker niet wat de nevenactiviteiten van Máxima zijn. Onder 55-plussers is juist een grotere groep ongeveer bekend met haar andere activiteiten.
Bekendheid met VN-werk neemt af
Een belangrijk deel van haar werk buiten het koningschap is haar rol als adviseur namens de Verenigde Naties. Máxima geeft advies aan landen en regeringen die zij bezoekt en richt zich daarbij op ‘financiële gezondheid’. Ze wil dat iedereen op een veilige en betaalbare manier gebruik kan maken van banken en andere financiële diensten. Ook de kennis over haar VN-werk is afgenomen. Een kwart van de Nederlanders heeft een goed beeld van het werk dat Máxima voor de Verenigde Naties uitvoert. Vorig jaar was dat nog 36 procent.
Met name jongeren en mensen van middelbare leeftijd weten vaker niet wat deze taken precies inhouden. Onder 18- tot 34-jarigen gaat het om 47 procent, tegenover 35 procent in 2025. Bij 35- tot 54-jarigen is dat aandeel gestegen van 25 naar 39 procent. Tegelijkertijd vindt een kleinere groep dan vorig jaar dat haar werk bij de VN politiek gevoelig ligt. In 2025 ging het om 20 procent, nu om 17 procent.
Lees ook: Koningin Máxima geraakt door overlijden Jade Kops: ‘Veel bewondering voor’
Minder bezwaar tegen andere werkzaamheden
Ook het bezwaar tegen andere werkzaamheden van Máxima neemt af. Waar vorig jaar nog 11 procent vond dat zij als koningin geen andere werkzaamheden zou moeten verrichten, is dat nu 8 procent. Vrouwen zijn het vaker oneens met die stelling dan mannen: 74 procent tegenover 61 procent. Ook hoogopgeleiden zijn het vaker oneens, met 74 procent tegenover 63 procent onder laag- en middelbaar opgeleiden. Dat beeld is onveranderd ten opzichte van vorig jaar.
Steun voor inzet bij defensie
In het afgelopen jaar werden Máxima en Amalia actief bij defensie. Amalia deed dat via het Defensity College, terwijl de koningin actief werd als reservist bij de landmacht. Zes op de tien Nederlanders, 58 procent, vinden het goed dat leden van het Koninklijk Huis zich inzetten voor defensie. Voorstanders waarderen vooral de zichtbare betrokkenheid en de voorbeeldfunctie die zij daarmee uitdragen. Een kritische minderheid noemt het juist ‘propaganda voor defensie’ of een ‘schijnvertoning’.
De steun verschilt duidelijk per politieke voorkeur. Vooral CDA-stemmers zijn positief: 84 procent vindt de inzet goed. Ook onder JA21-, D66- en VVD-stemmers is de steun relatief groot, met respectievelijk 74, 69 en 67 procent. Onder PVV-stemmers ligt dat aandeel op 40 procent en onder niet-stemmers op 41 procent. Een kleine groep, 8 procent, vindt het niet goed dat leden van het Koninklijk Huis zich hiervoor inzetten. Mannen zeggen dat vaker dan vrouwen: 11 procent tegenover 6 procent.
Uit andere media