Van Vollenhoven praat met Kamer

Pieter van Vollenhoven gaat met de Tweede Kamer praten over de veiligheidszorg. Hij heeft daarvoor een notitie opgesteld die is na te lezen op de website van de stichting Maatschappij en Veiligheid (SMV). Van Vollenhoven vraagt ook om inspraak en suggesties van medeburgers en wil uiteindelijk komen tot een Veiligheidswet of Veiligheidsbeginselenwet. De regering is daartoe vooralsnog niet te porren.

Van Vollenhoven en SMV zijn bezorgd dat de verantwoordelijkheden voor de veiligheid tussen overheid en burger niet voldoende zijn afgebakend. Vroeger was veiligheid alleen een taak van de overheid, tegenwoordig is de burger medeverantwoordelijk. Van Vollenhoven kan zich daarin wel vinden, maar dan moeten de spelregels duidelijk zijn.

"Wat mag je van burgers, ondernemingen en organisaties op het gebied van veiligheid verwachten en hoe verhouden deze verantwoordelijkheden zich tot die van de overheid. Is er sprake van een balans van verantwoordelijkheden?”, vraagt Van Vollenhoven. Hij constateert dat de overheid de regie heeft laten liggen. Dat zorgt voor problemen "zowel in de wereld van de sociale veiligheid (security) als in de wereld van de fysieke veiligheid (safety).”

Duidelijkheid

Hij wil daarom dat er duidelijkheid komt "over wat wij als samenleving van die eigen verantwoordelijkheid van ondernemingen en organisaties mogen verwachten. Anders komen wij met de veiligheid terecht in een soort casinospel van ‘het kan goed of slecht gaan’.”

Van Vollenhoven ziet in de praktijk "dat vele veiligheidsvoorschriften van de sector – zonder opgaaf van redenen, vaak op grond van economische motieven of omdat het geen wettelijke regels zijn – gemakkelijk het onderspit kunnen delven.” Vandaar het pleidooi voor een wettelijke regeling, waarin na een risocoanalyse de eigen verantwoordelijkheid van een organisatie voor de veiligheid wordt vastgelegd.

Voordelen

"Een wettelijke verankering van deze beginselen in een veiligheidswet biedt talloze voordelen: duidelijkheid over de eigen verantwoordelijkheid voor veiligheid van een onderneming of organisatie, toezicht wordt mogelijk, er is houvast voor extern en intern toezicht, en er kan worden gekeken of de verdeling tussen overheid en sector deugt.

"Kwalitatief goed toezicht is voor de veiligheid van essentieel belang”, meent Van Vollenhoven. Na zijn gevecht voor een algemene Onderzoeksraad voor Veiligheid is één Nationale Inspectie – vergelijkbaar met de opzet van de Nationale Politie – weliswaar niet meteen nodig, maar er zouden wel ,,eensluidende beginselen” moeten zijn "waaraan alle inspecties in hun optreden en functioneren zouden moeten voldoen.”

Geef een reactie

Gerelateerde artikelen