Koningspaar geeft roofschilderij terug

Koning Willem-Alexander en koningin Máxima geven een schilderij uit de Koninklijke Verzamelingen terug aan de erfgenamen van de oorspronkelijke joodse eigenaar. Uit onderzoek is gebleken dat het werk 'Het Haagse Bos met gezicht op Paleis Huis ten Bosch' tijdens de Tweede Wereldoorlog onvrijwillig in handen van de Duitse bezetter was gekomen.

Koningin Juliana kocht het werk van de schilder Joris van der Haagen (1615-1669) in 1960 van een Nederlandse kunsthandel. Ze had daarbij geen kennis van de herkomst van het schilderij. Uit onafhankelijk onderzoek door een commissie onder leiding van prof. dr. Rudi Ekkart is nu gebleken dat het werk in 1942 door een joodse verzamelaar moest worden afgestaan aan de Duitse roofinstantie Lippmann, Rosenthal & Co in Amsterdam. Via een aantal omzwervingen kwam het terecht bij de kunsthandel waar koningin Juliana het uiteindelijk kocht.

Volgens de Rijksvoorlichtingsdienst vinden koning Willem-Alexander en koningin Máxima het belangrijk dat de Stichting Historische Verzamelingen van het Huis Oranje-Nassau, die opdracht gaf tot het onderzoek, handelt volgens de criteria die het Rijk heeft gesteld ten aanzien van restitutie. Daarom is er inmiddels contact geweest met de erven van de joodse kunsthandelaar om het schilderij terug te geven.

De stichting liet vanaf eind 2013 onderzoek verrichten naar de herkomst van kunstvoorwerpen die na 1933 in de Koninklijke Verzamelingen terecht waren gekomen. Doel was om vast te stellen of er kunstwerken tussen zaten waarvan de herkomstgeschiedenis verwees naar roof, confiscatie, gedwongen verkoop of andere verdachte omstandigheden vanaf het begin van het nazi-regime in Duitsland in 1933 tot en met het einde van de Tweede Wereldoorlog. Wanneer dat het geval zou zijn, zou het schilderij worden teruggegeven aan de desbetreffende erfgenamen. Uit het onderzoek is gebleken dat alleen het schilderij 'Het Haagse Bos met gezicht op Paleis Huis ten Bosch' in deze periode onvrijwillig in handen van de Duitse bezetter is gekomen.

Naast het werk van Van der Haagen, was er bijzondere aandacht voor een schilderij van Paul Bril. Hierbij bleek echter dat het werk voor de bezetting van Nederland in mei 1940 vrijwillig was verkocht aan een Nederlandse kunsthandelaar.

Het hele rapport is terug te lezen via de website van het Koninklijk Huis.

Geef een reactie

Gerelateerde artikelen